Wasbare luiers mee op vliegvakantie

Toegegeven; ik ben een beetje (veel) verslaafd aan wasbare luiers. Op vakantie gaan zonder wasbare luiers kan dan ook eigenlijk niet. De luiertjes reizen dus altijd mee als we ergens heen gaan. Nou ja, op één keer na dan. Eén keer stond alles klaar, maar waren we net even de laatste stap vergeten (het daadwerkelijke in de auto zetten) vlak voor vertrek. De luiers bleven naast de commode staan en we arriveerden zonder luiers op ons vakantieadres. Dat betekende dus dat we op stel en sprong een winkel moesten zoeken om een pak wegwerpluiers te kopen. Zonde en niet leuk. Gelukkig was het maar een weekend en konden we na een paar dagen onze eigen vertrouwde luiers weer gebruiken.

Maar nu zouden we voor het eerst met de kinderen een vliegreis gaan maken. Best wel spannend met een dreumes die niet stil kan (of wil, daar ben ik nog niet helemaal over uit) zitten en ook nog een peuter erbij. Met zo’n vliegreis ben je behoorlijk beperkt als het om bagage gaat, elke kilo moet betaald worden en moet in een koffer passen. Toch heb ik er eigenlijk niet eens over nagedacht, de luiers moesten écht mee. Er werden twintig luiers voor overdag ingepakt en nog 4 nachtluiers. Dat moest genoeg zijn. Beide vakantiehuisjes zouden een wasmachine hebben, dus om de dag wassen zou niet zo moeilijk moeten zijn. Toen het inpakproces bijna ten einde was (een bevalling op zichzelf…) kwamen we toch tot de conclusie dat we maar een koffer bij moesten boeken. Ik weet niet zeker of ik daar de luiers de schuld van moet geven, de kinderen, of mijn eigen niet zo selectieve manier van inpakken van kleding en andere (niet zo) strikt noodzakelijke spullen. Maar met een extra koffer paste het toch mooi allemaal net. Het enige wat niet meeging waren de wasbare billendoekjes. Dit was wel een klein punt van discussie, maar het toeval wilde dat een 43-delig speelgoed van peuterzoon perfect in het doosje (met deksel) van de wasbare billendoekjes paste. En toen pasten de billendoekjes er dus niet meer in. Ik was nog niet half vertrokken of ik had al spijt. Er gingen vier pakken wegwerp doekjes de koffer in, waarvan drie aangebroken overigens;-) En op dag 8 van de vakantie waren ze na een flinke poepluier ineens op. Weg billendoekjes, en dus op zoek naar een winkel om een vijfde pak billendoekjes te kopen. Auw. Had ik ze maar wel meegenomen, de wasmachine draaide toch wel. Dan hebben we het trouwens maar niet over het feit dat ik op de dag van het inleveren van de huurauto nog een pak billendoekjes in het dashboardkastje vond. Ik was even vergeten dat ik die daar had neergelegd. Marco zei optimistisch: ‘Ow maar schat met dit erbij hadden we het ook niet gehaald toch?’. De lieverd.

Tegenover het jammere van de billendoekjes stond dan toch het heuglijke feit dat mijn vertrouwde mooie luiertjes wel mee waren. Al op de heenreis in het vliegtuig een keuze waar ik heel blij mee was, toen ik een zwaar doorgelekt kind samen met haar vader in de rij voor de wc zag staan. Schone wegwerpluier in de hand van vader. Wij kwamen droog, schoon en zonder tussendoor te verschonen aan op het vliegveld in Kroatië. Daar rolden onze koffers weer van de band en gingen we met luiers en overige spullen op weg naar ons eerste vakantiehuis. Een fantastisch luxe vakantiehuis met een eigen tuin, een eigen zwembad en een royaal heerlijk overdekt balkon waar de kinderen uren buiten (en toch veilig binnen) gespeeld hebben. Maar het hoogtepunt was de wasmachine! Hij was er én hij deed het! (Het zal je gebeuren hè…?) Dus op de tweede dag hingen de luiertjes vrolijk te wapperen in de warme Kroatische zon. Halverwege de vakantie verkasten we naar de andere kant van het land, naar ons tweede vakantiehuis. Heel wat minder luxe en heel veel kleiner, maar de wasmachine stond parmantig te pronken in de keuken, ingeklemd tussen de vaatwasser en de provisiekast. Dus ook op adres twee hing de waslijn meerdere keren vol met vrolijke luiers. En dat een wasmachine met twee kinderen sowieso geen overbodige luxe is bleek ook wel (nou ja dat wist ik natuurlijk al langer). Ook de keer op keer smoezelige, vieze, natte, zanderige, plakkerige kinderkleren verdwenen regelmatig in de wasmachine.

Toen was het einde van de vakantie aangebroken. Alles moest weer in dezelfde koffers gepropt worden, deze keer inclusief een restje vieze luiers van de laatste nacht en ochtend. Gelukkig hadden we geurdichte luierzakken mee, waar we ook tijdens de vakantie steeds alle vuile luiers in bewaarden. De vieze luiers gingen dus probleemloos de koffer in. In de luiertas die mee ging als handbagage stopte ik vijf luiers voor onderweg. Leek me zat. We verlieten ons huisje, reden naar het vliegveld en belandden daar in complete chaos. Het vliegveld van Split is niet echt een aanrader met kleine kinderen zo bleek. (We waren hier ook aangekomen, maar vertrekken bleek een heel ander verhaal.) Het vliegveld was een bouwput, dus de huurauto moest ver weg geparkeerd worden langs een achenebbisj veel te druk straatje. Met kinderen en alle bagage, zonder bagagekarretje (want ja, die stonden niet in dat ranzige straatje) sjouwden we richting vliegveld. We kwamen de schuifdeuren binnen gestrompeld en struikelden haast direct over de rij mensen met koffers die allemaal, net als wij, moesten inchecken. Het was een wonder dat de deuren überhaupt nog dicht gingen. We sloten achteraan in de rij om te gaan wachten. Het wachten duurde hooguit 30 seconden, want toen werden wij gespot door onze redder in nood. ‘Two kids?’ Come! En we sloten aan in een andere rij, met slechts één ouder stel voor ons.

We checkten in en gingen richting douane. Met kinderwagen, drie grote stukken handbagage en twee vermoeide kinderen worstelden we onszelf door de douane, om daarna in een nog grotere chaos terecht te komen. De vertrekhal bleek boven te zijn, liften zijn alleen maar overbodige luxe en een torenhoge steile trap is perfect om op te zitten als de vertrekhal zelf overstroomt. Dus met alle zooi en kinderwagen de roltrap op, om bovenaan uiteraard weer te struikelen over alle mensen die in de vertrekhal gepropt stonden en zaten. Het was DRUK! Er waren zeker vijf vluchten vertraagd en al die mensen zaten samen met alle andere mensen in een te kleine vertrekhal. Jongste zoon was inmiddels hoognodig aan een schone luier toe, dus gingen we op zoek naar een verschoningsruimte. Die vonden we gelukkig, we omzeilden de enorme rij voor het damestoilet, en verschoonden (onder luid protest, dat wel) zoonlief. Waterflesjes werden alvast weer gevuld en toen werd het tijd om project eten op te starten. Het was inmiddels 14.45 uur, onze vlucht ging over 45 minuten en we hadden nog niet geluncht. Ik besloot me maar ergens neer te storten met de jongste, de kinderwagen en bagage terwijl Marco met de oudste op zoek ging naar eten. Toen hij terug kwam met broodjes en koffie (de held!) ging ik snel nog even naar het toilet aangezien de wachtrij daar ineens toch weg was. Ik was nog niet klaar met plassen of ik hoorde dat onze vlucht al aan het boarden was, final call for Rotterdam! Nee hè. Koffie weg gegooid, broodjes in de tas gemoffeld en op naar de gate. Onze boarding passen werden gescand en we kregen een knikje dat we door konden lopen. En daar verscheen me toch weer een kneiter van een trap, naar beneden deze keer (dat krijg je als je de vertrekhal boven maakt, terwijl vliegtuigen vaak vanaf de grond vertrekken) en steil en smal, mijn hemel! Ik keek een beetje hulpeloos om me heen naar het personeel dat duidelijk stond te doen alsof hun neus bloedde en naar Marco die achter me stond. Marco was duidelijk ook even zonder ideeën, maar gelukkig dook er achter ons een behulpzame medereiziger op. Hij tilde samen met mij de kinderwagen met kind er nog in de trap af. Hij vroeg bezorgd hoe de andere kleine man beneden moest komen, maar gelukkig was daar Marco nog, die naast een grote tas en koffer ook nog een handje vrij had voor oudste zoon. Stapje voor stapje gingen we zo die ellenlange trap af. Om vervolgens beneden half snauwend weer een andere wachtruimte ingeduwd te worden. Jeetje mina. Uiteindelijk zaten we dan toch volledig uitgeput en uitgehongerd met twee kinderen op onze stoelen in het vliegtuig.

De reis zelf ging super goed. We aten de broodjes, keken naar wolken en zetten een kartonnen modelvliegtuig in elkaar. Onze jongste zoon was nog zo lief om onze levenservaring te verreiken met: ‘Dreumes verschonen op vliegtuigtoilet.’ Ik was er namelijk stellig van overtuigd dat meneer een grote boodschap had gedaan, dus alles bij elkaar gezocht (hip luiertje, doekjes, luierzak, inlegvel en kind) en op naar het toilet. En zo’n toilet is KLEIN. Klein om te plassen, maar nog kleiner om een niet stil liggende dreumes te verschonen. Die verschoonklep was sowieso op zichzelf al veel te klein. Het kind paste er niet eens half op. Ook niet als hij wel stil had gelegen. Een worstelwedstrijd was er niets bij, maar ik slaagde erin de luier uit te krijgen om tot de ontdekking te komen dat hij dus niet gepoept had, maar alleen even wat gassen de vrije loop had gelaten. Ik wist niet of ik blij moest zijn of niet. Het verschonen zelf werd er makkelijker van, maar de handeling op zich werd er een beetje overbodig door;-) Maar goed, ook dat weer meegemaakt en een ervaring rijker. Het vliegtuig landde uiteindelijk, we aten een warme maaltijd op het vliegveld in Nederland, zochten onze auto op en reden met twee diep slapende kinderen naar huis. Wat een reis! De luiers gingen thuis de vertrouwde luieremmer in en werden de volgende dag weer in hun vertrouwde wasmachine gewassen. Blij dat ze mee waren en blij dat wij weer thuis waren en ontzettend dankbaar dat die twee kleine jongetjes van ons het zo goed hadden gedaan tijdens de reis, want makkelijk was het niet;-)
 


Page Speed